Evaluatie van promotiebegeleiding aan de ETH Zürich

A survey on the doctoral supervision practices at ETH Zurich, with two objectives: (i) draw a picture of the actual supervision practices at ETH, and (ii) investigate the doctoral students’ satisfaction with respect to their supervision and the impact of specific practices. Based on 1’594 completed survey answers (corresponding to a
response rate of ~36%) this report summarizes (Romain, Kuzmanovska,Ripin, 2018), AVETH_Supervision_Survey_reportFinal.

A comparison of best practices for doctoral training in Europe and North America

Barnett, J. V., Harris, R. A., & Mulvany, M. J. (2017). A comparison of best practices for doctoral training in Europe and North America. FEBS Open Bio7(10), 1444–1452. http://doi.org/10.1002/2211-5463.12305

Verslag van een onderzoek bij twee Amerikaanse en twee Europese instituten op het terrein van het bio-medisch onderzoek. De analyse is gebaseerd op 63 gedetailleerde vragen met betrekking tot de onderzoeksomgeving, toelatingscriteria, inhoud van programma’s, begeleiding, het proefschrift, de beoordeling van het proefschrift en de structuur van de graduate school. De resultaten laten zien dat er weliswaar aanzienlijke overlap is in de doelen en inhoud van PhD-programma’s, maar dat er ook aanzienlijke verschillen zijn met betrekking tot de structuur van PhD-programma’s, begeleiding en beoordeling van proefschriften. Deze verschillen worden in detail geanalyseerd ter bespreking van hun relatieve voor- en nadelen. Artikel

Workshop Langpromoveren

Onderwerp
Het Nederlands Expertise Centrum voor de Promotieopleiding biedt in 2018 een workshop aan rond het onderwerp Langpromoveren. Centraal staan de promovendi die zeer lang over het promotietraject doen.
Doel
Het doel van de workshop is om via kleinschalig onderzoek kennis te verwerven over de promovendi die bij onze graduate school met hun promotieonderzoek zijn begonnen maar een zodanige vertraging hebben opgelopen dat gevreesd moet worden voor een goede afloop. De aandacht richt zich in de workshop niet alleen op gestopte promovendi maar ook op promovendi wier contract of beurs (bijna) afgelopen is terwijl er nog veel werk aan de winkel is. De workshop richt zich niet alleen op de oorzaken maar ook op de vraag wat de graduate school en de betrokken begeleiders kunnen doen om de kans op voltooiing zo groot mogelijk te maken. De workshop is met name bedoeld voor coördinatoren van graduate schools. Voor meer informatie raadplege men Workshop Langpromoveren

Uitval en vertraging bij promovendi. Verslag van workshop.

Op 15 december 2017 organiseerde het Nederlands Expertise Centrum voor de Promotieopleiding een workshop rond het thema van vertraging en uitval onder promovendi in Nederland. Een aanzienlijk percentage promovendi (landelijk 25%) maakt het promotie-traject niet af en eigenlijk weten we niet precies waarom. Deze bijeenkomst stond in het teken van het bijeen-brengen van casuïstiek, kennis en best practices betreffende dit onderwerp.
Centrale vragen
De centrale vraag luidde: Wat zijn de belangrijkste oorzaken van uitval? Sub-vragen waren o.a.: Zijn er harde cijfers bekend en zo ja hoe zien die eruit? Zijn er risicogroepen aan te wijzen? En zijn er verschillen te onderscheiden tussen vakgebieden of tussen graduate schools? Wat kunnen graduate schools doen om het probleem aan te pakken. Men treft hier het verslag van de bijeenkomst: 15 december 2017 Verslag

Voor een gedetailleerd overzicht van de programma onderdelen en inleidingen raadplege men de webpagina Ontmoetingen

Stress onder promovendi

38% van de promovendi aan Universiteit Leiden riskeren depressie. Dat concluderen Inge van der Weijden en Ingeborg Meijer na een survey onder 250 promovendi en twaalf interviews. Jonge- en internationale promovendi lopen extra risico. Of promovendi een vast contract hebben heeft geen invloed op hun mentale gezondheid, dat geldt evenmin voor autonomie of werkdruk. Hoe zij omgaan met werkdruk beïnvloedt wel hun mentale welzijn. Dit onderzoek gebruikt dezelfde methode als eerder onderzoek op Vlaamse universiteiten en vond vergelijkbare resultaten. Het volledige beleidsrapport is beschikbaar in het Engels en het Nederlands.

Verslag project Langpromoveerders

Hans Sonneveld (2015), Verslag project Langpromoveerders, Tilburg Law School.
Vragen die centraal staan in dit rapport: Wat zijn de werkomstandigheden van de promovendi die meer dan vijf à zes jaar doen over het promotietraject? Wanneer werd duidelijk dat de dissertatie niet op tijd klaar zou zijn? Wat zijn de belangrijkste oorzaken van het lange promoveren? Bedreigt de lange duur op zich een succesvolle afronding van de dissertatie?
Aan wat voor soort steun heeft de langpromoveerder behoefte? Op wat voor manier kan voorkomen worden dat dit probleem van het lange promoveren zich blijft herhalen? Text.

Professionals in Doctoral Education

Zinner e.a. (2016) Professionals in Doctoral Education. University of Vienna.
There is no doubt, that the last decade has been marked by changes in Higher Education. These changes have in some areas been accompanied by an ascent of Higher Education Professionals. But although the area of doctoral education has especially been affected by structural changes the roles of the strongly developing supporting staff in this area so far has been neglected. We believe it is time to put Professionals in Doctoral Education under the spotlight. Who are they, what do they do, why are they so important? This handbook intends to provide hands-on and practical information on the roles and activities of doctoral education professionals. The proposed target audience are administrators in doctoral education, HR managers and academic leaders in higher education institutions. Modern doctoral education needs professional staff and this handbook aims at helping to reach this goal.  Text

Dissertaties in zwaar weer. Afgewezen dissertaties van de Tilburg Law School.

Hans Sonneveld (2016), Dissertaties in zwaar weer. Afgewezen dissertaties van de Tilburg Law School.
Een analyse van de dossiers van elf dissertaties die door de promotiecommissies bij de eindbeoordeling in eerste instantie zijn afgewezen.Vragen: wie zijn deze promovendi? Komen we alle typen promovendi tegen (full time promovendi in een werknemerspositie, beurspromovendi, externe promovendi)? Of zijn er specifieke categorieën die eruit springen? Wie zijn de tegenstemmers? Welke vormen kan de kritiek aannemen?Hoe stellen de promotoren zich op wier promovendi in de commissies op grote problemen stuiten? Gaan de voorstemmers het gevecht aan met de tegenstemmers en hoe luidt dan de uiteindelijke beslissing? In paragraaf zes gaat het over de kern van dit rapport, de inhoud van de kritiek. Als een dissertatie in eerste instantie wordt afgewezen, waarop richt zich dan de kritiek? Gaat het hier om een grote variatie van kritiekpunten, of richt de kritiek zich op enkele hoofdzaken?Het rapport sluit de gevolgen van de afwijzing. Text

Welk gras is groener?

Inge van der Weijden, Evan de Gelder, Christine Teelken, Marian Thunnissen (2017). Welk gras is groener? Persoonlijke verhalen van gepromoveerden over hun loopbanen binnen en buiten de wetenschap.
10 portretten van gepromoveerden die werken buiten de wetenschap & 3 persoonlijke verhalen van werkgevers. Aandacht voor transferable skills en aanbevelingen voor promovendi/gepromoveerden, universiteiten en buitenwetenschappelijke werkgevers. [Link]

Dissertatiekwaliteit in Nederland

Op 20 januari 2017 organiseerde het Nederlands Expertise Centrum voor de Promotieopleiding bij en met steun van de TU Delft een conferentie over de kwaliteit van de in Nederland verdedigde dissertaties. Directe aanleiding om deze dag te organiseren is dat we in Nederland veel weten over het promotierendement, de promotieduur en de arbeidsmarktperspectieven, maar geen onderbouwde conclusies kunnen trekken wat betreft de kwaliteiten van het eindproduct van al die promotieinspanningen. Naar aanleiding van de vooraf verzamelde informatie en de gedachtewisselingen tijdens de discussiedag hebben wij een verslag geschreven:

Op de pagina Ontmoetingen vindt men de presentaties en ‘good practices’